|
Hanekam,
cantharel
Cantharellus
cibarius

|
Informatie
|
| Nederlandse
naam: |
Hanekam,
cantharel |
| Engelse
naam: |
Chanterelle |
| Wetenschappelijke naam: |
Cantharellus
cibarius |
| Beschrijving: |
Dit
is ongetwijfeld de bekendste eetbare paddestoel en heeft vele volksnamen,
die op vorm, voorkomen of kleur duiden, zoals Hanekam, Dooierzwam, en in
Duitsland Pfifferling (pepertje) omdat hij enigszins naar peper smaakt. In
veel streken van Europa zijn alle Cantharellen beschermd en mogen alleen
voor eigen gebruik verzameld worden. |
| Kenmerken: |
Vruchtlichaam
vlak trechtervormig. Hoed Ø 3-10 cm, vlak, bleek tot diep dooiergeel, met
een ingerolde, golvende rand. Onderzijde met onregelmatig gevorkte, op de
steel aflopende, adervormige lijsten,
dooiergeel.
Steel 3-8 cm x 5-15 mm, naar de basis versmald, dooiergeel. Vlees vezelig,
gelig. Geur zwak, aangenaam. Smaak waterig-peperachtig. |
| Verspreiding: |
Algemeen |
|
Voorkomen:
|
Bij
naald- en loofbomen (den, eik, berk, beuk) op voedselarme, zure zandgrond. |
|
Periode:
|
juli-november |
|
Eerste exemplaar gevonden op:
|
01-09-2010
(Landgoed de Wildzanck, Wassenaar) |
|