|
Geelwitte
russula
Russula
ochroleuca

|
Informatie
|
| Nederlandse
naam: |
Geelwitte
russula |
| Engelse
naam: |
Ochre
Brittlegill |
| Wetenschappelijke naam: |
Russula
ochroleuca |
| Beschrijving: |
In
de zomermaanden is de Geelwitte russula vaak de enige Russula die in
beuken- en naaldbossen te vinden is en komt zelfs bij droog weer vaak
massaal te voorschijn. |
| Kenmerken: |
Hoed
gewelfd tot vlak met een verdiept midden, Ø 4-10 cm, mat, oker tot geel,
met een gladde tot gegroefde rand. Lamellen
smal aangehecht, crème. Steel 4-7 cm x 15-25 mm, wit tot waterig grijs. Vlees wit. |
| Verspreiding: |
Algemeen |
|
Voorkomen:
|
Bij
loof- en naaldbomen in loof- en naaldbossen op matig voedselarme zure
bodems, ook in oude bossen met een dikke strooisellaag. |
|
Periode:
|
juni-oktober |
|
Eerste exemplaar gevonden op:
|
16-09-2007
(Landgoed de Horsten, Wassenaar) |
|
Extra foto(s) |
|
|
|
|